woensdag 31 december 2008

Oud en Nieuw





Oud en Nieuw.

Een week geleden stonden os en ezel nog centraal.
Thans zien wij enkel runderen die lopen op twee benen.
De fauna beeft, al wat de kerst heeft overleefd vliedt henen
in doodsangst, doch vergeefs en onontkoombaar aan ’t kabaal.

Een grijsaard houdt, zelf doof en oud, een baby, pasgeboren
bij zich op schoot heel liefdevol de handen op de oren.

maandag 22 december 2008

Kerstmis

Hoezo kredietcrisis? De supermarkten puilen uit. Idem de winkelwagentjes.
Het is weer tijd voor mijn kerstlied uit 1974:

Kerstmis.

In een huis, achter bevroren ramen,
troost een moeder haar dochtertje klein
en zij droogt met haar rokken de tranen,
de tranen die het meiske daar weent.

"Ach, moesje, waarom moet jij sterven?"
vraagt het meisje op moeders schoot,
"Is er niets dat ik jou dan kan geven,
dat ik jou kan verlichten de dood."

"Ja, ik zou er zo graag nog eens even,"
zegt de moeder, de ogen terneer,
"een kerstfeest als vroeger beleven,
een kerstfeest met een boom als weleer."

Het meiske is het huis uit geslopen
met in haar gedachten de wens,
met in hare zak slechts de knopen
zonder welke haar jasje niet sloot.

Zij is op de markt aan gekomen
en blijft vol verwondering staan
en ziet er daar tientallen bomen
met tientallen kopers meegaan.

Zij vraagt er daar zulk een koopman,
"Mag ik voor m'n moesje, meneer,
zo'n boom om 't kerstfeest te vieren
voor zij gaat naar onz' Lieve Heer."

Maar die koopman die is er gaan schelden
en zij gaat voor die man op de loop
want zo'n kerstboom kost menig een gulden,
menig gulden in plaats van een knoop.

Zij is t'rug naar het marktplein gekomen
als velen het kerstfeest reeds viert
en zij heeft er die twijgjes genomen
die menig een kerstboom ontsiert.

Met het dennegoed klem in haar vuistje,
passerend de winkels vol pracht,
keert het meiske terug naar het huisje,
naar het huisje waar zij wordt verwacht.

Terwijl kerkklokken kerstlied'ren zoemen
en verlichting de stad aanzien bood,
rijdt een auto vol diepvries kalkoenen
een meiske met dennegoed dood.

donderdag 11 december 2008

Habsaksdik

11 december

Bij de opening van het Speeltoestel op de Esplanade van de Kasbah te Hengelo door wethouder Janneke Oude Alink op 28 november j.l. prees zij het initiatief van de Kasbahbewoners en wees zij op het beleid van de gemeente om dit soort initiatieven te stimuleren en te waarderen.
Afgelopen week waren bulldozers gaande om spijkers in laag water op te graven en met de aanleg van wat wel de grootste kattenbak van Hengelo lijkt te worden. Daarmee de duurste ook. Om dat te combineren met het net geopende kinderspeeltoestel, daar was ik niet opgekomen. Kinderen mogen er nog niet spelen, de katten mogen eerst!

Habsaksdik

Hoo, kinderen, stop!
Ga nu niet meteen aan ’t spelen
want een man bij de gemeente
legt hier andere normen op.

Zoals vaak bij ambtenaren
is hij aan het navelstaren
naar de letter van de wet.
Dat burgerparticipatie
ruimte laat voor interpretatie
wist hij nog niet, niet opgelet!

Jullie weten: onze Janneke
Oude Alink staat haar manneke
en hoedt elk onschuldig kind
voor gevaar van wat zij opent.
Maar die man roept: “Stop!” zo hopend
dat zij hèm belangrijk vindt.

Hij zegt: Zand eronder.
Veel.
Zonder gras, niet zwart maar geel.
Zegt de Wijsheid niet daarover:
Weg die man en zand erover?

Bij het aanbrengen van vele kubieke meters geel zand onder het speeltoestel in de Kasbah en dan nog dreigen met plaatsen van hekken om kinderen te beletten daar te spelen omdat nog niet is voldaan aan de regels.

60 jaar Universele rechten van de mens

10 december 2008

In december 1948 stelden de Verenigde Naties de Universele Verklaring voor de Rechten van de Mens op.
De redenering was door mensenrechten toe te kennen wordt vrijheid optimaal gewaarborgd.
Mensenrechten stijgen uit boven nationaliteit, politieke voorkeur, etniciteit, huidskleur, geaardheid, religieuze overtuiging, sekse of leeftijd.

Artikel 1 Overijssel, het voormalig Anti Discriminatie Bureau organiseert in samenwerking met Amnesty Hengelo en de Bibliotheek een aantal activiteiten om in december 2008 stil te staan bij de 60-jarige mensenrechten. Eén van de projecten die in dit kader wordt uitgevoerd is het beeldende kunstproject “Vogelvrij, zo vrij als een vogel”, als volgt:

60 professioneel werkende kunstenaars uit Hengelo zijn uitgenodigd om aan dit project deel te nemen. Daartoe hebben zij van de organisatie een nestkastje ontvangen. Vervolgens is hen verzocht om het thema “Vogelvrij, zo vrij als een vogel” met behulp van het nestkastje te visualiseren.
Van de nestkastjes wordt een groepstentoonstelling georganiseerd die plaatsvindt in de Bibliotheek en die door wethouder Janneke Oude Alink en Rijksmuseum Twenthe directeur Lisette Pelsers geopend wordt op woensdagavond 10 december 2008. Als expositielocatie is voor de Bibliotheek gekozen vanwege het grote aantal bezoekers dat daar wekelijks komt. De tentoonstelling vindt plaats van dinsdag 2 december 2008 tot dinsdag 23 december 2008. Gedurende de tentoonstellingsperiode vindt er een internetveiling plaats via de website www.artikel1overijssel.nl, waarbij vanaf € 100,- op de nestkastjes geboden kan worden. De opbrengst van deze internetveiling wordt aan Amnesty International beschikbaar gesteld ten behoeve van haar projecten.

Als stadsdichter heb ik een huisje voorzien van de tekst:
VOGELS KOM
NESTEL EN LEG VEILIG
BROED EN VOED EN ZING
SPREID JE VLEUGELS WIJD
EN VERSPREID JE VRIJ
GELIJK WIJ

's Middags tijdens de fakkelwake en 's avonds bij de opening van de tentoonstelling heb ik bovenstaande tekst voorgedragen en de tekst van een lied dat ik in 2003 samen met Nico Bergenhenegouwen voor FERM heb geschreven naar aanleiding van een foto die nu ook in de bibliotheek hangt ter verbeelding van die mensenrechten.

Oud lied.

Ik zoek naar nieuwe woorden voor een heel oud lied
sinds in mijn prille jeugd mijn vriendje mij verliet;
als broertjes speelden wij op straat bij ons voor 't huis;
ik krijtte daar een cirkel, hij krijtte daar een kruis.
'Als jij niet katholiek bent,' zei hij, 'ben je protestant.
Daar spelen wij niet mee.' Liep naar de overkant.
Dat elk zijn eigen waarheid had wist ik nog niet,
als nieuwe woorden op hetzelfde lied.

't Lied van 't paradijs van voor en na de slang.
't Lied van Kaïn en Abel...., mijn god, wat was ik bang.
Het lied van Christus, van Luther en van King.
Het lied heeft zoveel woorden, 'k snap niet dat ik nog zing.
't Lied van 'n Duitser met 'n snor, maar ook dat van die Rus.
't Lied van de joden en hun land, van Palestijnen dus.
Het lied van Bagdad en van Kabul.
Ik wil een nieuw lied en ik wil een nieuw gevoel.

Kon ik maar eens kijken met jouw ogen,
even zien hoe jij de wereld ziet.
Misschien zag ik mijn eigen onvermogen
en mijn gelijk zag ik misschien wel niet.
Kon ik maar eens horen met jouw oren,
zodat ik zou verstaan wat of je zegt.
Misschien ging dan de waarheid niet verloren
in het lawaai van dit sprakeloos gevecht.

Ik zoek naar nieuwe woorden voor een heel oud lied.


vrijdag 5 december 2008

Reclamezuil bij Oele

5 december
Het leek wethouder Weber een goed idee om 25.000 Euro per jaar te incasseren door een fel verlichte reclamezuil te laten plaatsen langs de A35 ter hoogte van Oele.

Ach Sint, u geeft cadeautjes
aan wie zoet is geweest
aan jong en oud, aan rijk en arm,
aan arm en rijk van geest.

Wat geeft u voor een slecht idee
waar iedereen van baalt:
Een lichtmast vol reclame
die Oele overstraalt.

Schenk alstublieft wat licht, Sint,
voor in de hersenpan
van de door geld verblinde
bedenker van dat plan.


De gemeenteraad van Hengelo heeft het licht gezien en het plan afgeblazen.

dinsdag 2 december 2008

Atelier Artistiek

Ter gelegenheid van de opening van "De Kleur Is", de expositie van werken van kunstenaars van Atelier Artistiek in de Stadhuishal.

Atelier Artistiek
is in Hengelo uniek.
Kanjers van kunstenaars
tref je er aan.
Divers en sterk
is hun kleurrijke werk.
Je zou er beslist eens
naartoe moeten gaan.

Naar Astrid en Arie,
Astrid en Adri,
Gerard, Daniel en André,
Richard, Rianne,
Thomas en Wanda,
Annelies, Linda, Gijs en Rocher,
Nicoline, Monique,
Remco en Karin,
Henk, Mark, Luuk en René,
Jan, Jan, Jan
en Janneke,
Minie, Maarten, Marion, Marjolein.

Maar ook Fra en Christine,
Marijke en Wynand,
Erna en Edo kunnen er zijn.

Tussen Steyn en Cronjé
ligt dat atelier.
Hun pracht en hun praal
hangt er in overvloed.
Loop daar niet voorbij.
Ze zijn zeer gastvrij
en je wordt er met veel
enthousiasme begroet.

Door Astrid en Arie,
Astrid en Adri,
Gerard, Daniel en André,
Richard, Rianne,
Thomas en Wanda,
Annelies, Linda, Gijs en Rocher,
Nicoline, Monique,
Remco en Karin,
Henk, Mark, Luuk en René,
Jan, Jan, Jan
en Janneke,
Minie, Maarten, Marion, Marjolein.

En ook Fra en Christine,
Marijke en Wynand,
Erna en Edo begroeten je blij.

En later, weer thuis
bij je eigen buis,
ben je van binnen
nog vrolijk en blij.
En je beslist,
want je weet wat je mist,
ik huur of koop daar
zo’n mooi schilderij.

Van Astrid of Arie,
Astrid of Adri,
Gerard, Daniel of André,
Richard, Rianne,
Thomas of Wanda,
Annelies, Linda, Gijs of Rocher,
Nicoline, Monique,
Remco of Karin,
Henk, Mark, Luuk of René,
Jan, Jan, Jan
of Janneke,
Minie, Maarten, Marion, Marjolein.

En Fra of Christine,
Marijke of Wynand,
Erna of Edo helpen daarbij.

zondag 30 november 2008

4e Nationale Stadsdichtersdag

29 november
4e Nationale Stadsdichtersdag te Lelystad

Van de 37 officieel door Burgemeester en Wethouders benoemde Stadsdichters die Nederland telt kwamen er 27 naar Lelystad. Bob Boswinkel en ik en onze vrouwen hadden ook ingeschreven en reden samen.





Het fenomeen Stadsdichtersdag werd in 2005 op initiatief van Gerard Beense, de eerste Stadsdichter van Lelystad voor de eerste keer gepresenteerd. Van meet af aan heeft de Stadsdichtersdag in Lelystad een internationaal karakter door deelname van Stadsdichters uit Vlaanderen. Ook deze keer is België vertegenwoordigd.
Na de ontvangst kregen we een rondrit aangeboden per touringcar door Lelystad en haar directe omgeving, waarbij het respect afdwong hoe de werkers van het eerste uur hebben geworsteld om van zee land te maken. En bizar om te zien hoe stedenbouwkundigen dat met lelijkheid volbouwen.
Daarna droegen stadsdichters uit alle windstreken Stadsgedichten voor aan elkaar en andere belangstellenden in de raadszaal van het stadhuis.
Ik vond het bijzonder interessant om te zien van welk standpunt uit de diverse stadsdichters hun stad benaderden en welk inkijkje ze gaven.
Mijn bijdrage die dag bestond uit het voordragen van:
- Hengelo, o hoe…
- Stadsdichter van Hengelo
- Hengelerweendhaentjen
- Hengeler Weend

- De Beken
- en het hier nog niet eerder gepubliceerde;

In mei

Stapelwolken rollen onder
in een zee van lucht.
Daarop drijft een merrie
met haar sterke rechte rug.
Zo draagt het paard de paardenwei
door alle vier haar benen
naar de weide uit te strekken.
Zo plaagt het paard de paardenwei
door zachtjes met haar lippen
aan het hangend gras te trekken.

Maak het mee van heel dichtbij
op je kop staand in de wei
in mei.


Als voorbeeld van het standpunt van de dichter dat pas duidelijk wordt aan het eind van het gedicht en je aanzet het nog een keer, maar nu met andere ogen, te gaan lezen. Net als de haiku;

De eendjes zijn weg.
De vijver lijkt leeg te zijn
op wat fietsen na.


Ook hier klapt het beeld dat je tijdens het lezen opbouwt om.

Tijdens het avonddeel werd ook de nieuwe Stadsdichtersbundel ‘Verzen van Verbondenheid’ gepresenteerd door uitgever Lukas Rosing van uitgeverij Kontrast in Oosterbeek. Stadsgedichten van alle door B&W benoemde Stadsdichters van Nederland en België zijn door Gerard Beense in zijn bloemlezing verzameld.
Zaterdagavond, na het diner waarbij tussen de gangen door nog door stadsdichters werd voorgedragen, verzandde een inspirerende dag in een overdaad aan dankzeggingen en bloemenhuldes - ja, zelfs de twee juffrouwen die konden wijzen waar reserve closetpapier gevonden kon worden kregen bloemen mee naar huis – en het open podium dat daar op volgde werd gevuld door locale neuzelaars, zodat de Stadsdichtersdag als een nachtkaars uitging.
Na een nacht woelen op een doorgezakt bed van het plaatselijke Apollo Hotel bracht de ochtend een grimlach toen de volgende haiku zich bij mij opdrong:

Lely op zijn zuil
Nachtkaars van de Zuiderzee
Ga er maar niet uit



’s Middags weer tevreden thuis met de wetenschap:
Hengelo is prachtig!

vrijdag 28 november 2008

Kidskasbah

De Kasbah is bijzonder
daar is ieder ’t over eens.
Maar hebben ook haar borelingen
iets buitengemeens?

Als alle koters klauteren zij
en zwaaien blij
aan touwen.
Een scheef plafond
hoeft geen pardon;
het wekt bij hen vertrouwen.

Ze kennen niet Le Corbusier,
zijn Modulor, de Gulden Snee,
Hier groeit elk onschuldig kind
in die verhouding mee.
Zij hebben vree
met wat een ander buitenissig vindt.

Klim kinderen, klim.
Waan je thuis
en buiten tegelijk.
Met niets dan dit
ben je rijk.


Vrijdagmiddag is het nieuwe speeltoestel officieel in gebruik genomen. Het werd samen met de kinderen ontworpen door Huub van de Laan van de Speelmij en ook door hem gebouwd met een aantal bewoners van de Kasbah en vrijwilligers.

zondag 16 november 2008

Sinterklaasgedicht

16 november 2008

Lieve Sint,

Onze schoorsteen is verstopt.
‘k Had het eerst niet in de gaten
maar vanmorgen bij ’t ontwaken
was mijn schoen niet volgestopt.

Ik heb overal gezocht,
maar heb nergens wat gevonden,
overal waar schoenen stonden.
’t Leek wel een ontdekkingstocht.

‘k Snap niet wie er lol aan heeft
onze schoorsteen te verbergen.
‘t Zal heel wat van Pietje vergen
voor hij mij cadeautjes geeft.

Sint, ik heb een beter plan;
want die wortelen en penen
zitten vol met carotenen.
’t Paard wordt daar oranje van.

Als ik U een zak bezorg
volgestopt met suikerbieten,
- heus, Uw schimmel zal genieten -
lieve Sint, staat U dan borg

dat die zak vol lekkernij,
vol surprises en presentjes
- let vooral niet op de centjes –
eerdaags wordt bezorgd bij mij?


Fred van de Ven
Stadsdichter van Hengelo

zaterdag 15 november 2008

Hengelose Kleindieren Sportfokkers Vereniging 110 jaar

Voordracht op 15 november

Op 19 augustus ontving ik het volgende e-mailbericht van Ronald Muller:

Geachte heer Van de Ven / beste “stadsdichter”,

Op zaterdag 15 november a.s. bestaat de Hengelose Kleindieren Sportfokkers Vereniging maar liefst 110 jaar.
In het kader van dit jubileum organiseren wij op zondag 16 november een Jubileumtentoonstelling. Er zullen dan niet alleen kippen, konijnen en sierduiven te bewonderen zijn. Ook zal er een “historische route” zijn die de bezoekers d.m.v. tekst- en beeldmateriaal over de geschiedenis van de H.K.S.V. informeert.

Daarnaast zal men de bezoekers “in levende lijve” kennis laten maken met boerderijdieren die vroeger veel in het Twentse landschap en de Duitse grensstreek voorkwamen, zoals o.a. de Twentse landgans, het Bentheimer varken, het Schoonebeker schaap en niet te vergeten het Twents hoen.
Deze dieren die vaak zeldzaam geworden zijn, hebben nog steeds betekenis voor ons. Daar zijn enkele goede redenen voor.
Ze zijn het resultaat van fokkerskunst uit het verleden en hebben een aparte cultuurhistorische waarde. Zij vormen een bron van biologische verscheidenheid en laten zien welke variatie aan rassen onze voorouders met gerichte selectie en fokkerij hebben bereikt.
Ze hebben een recreatieve waarde want ze vertonen een rijke variatie aan vormen en kleuren. Ze zijn daardoor bij uitstek geschikt om in te zetten in landschappen, parken, recreatiegebieden en op kinderboerderijen.
En ze hebben wetenschappelijke waarde. In combinatie met archeologische vondsten geven ze inzicht in landbouwmethoden uit vroeger tijden.
Verder hebben ze praktische waarde in het gebruik bij het beheer (begrazing) van natuurterreinen.
Daarnaast zouden de erfelijke eigenschappen die deze dieren bezitten, van nut kunnen zijn voor toekomstige veeteelt.


Tot hier de e-mail en U snapt het, mijn nieuwsgierigheid was geprikkeld.
Iets dat nog zo dicht verwant is met de oorspronkelijke afkomst en de natuur maakte dat ik dan ook zeer nieuwsgierig werd naar de voedingswaarde van deze dieren.
Bij ons in de zangvereniging bezingen wij die liefde voor de natuur als volgt:

Bonte specht met piccalilly.

Er wordt haast onafgebroken
over de natuur gesproken
meestal door een sombere figuur.
Een ding wordt te vaak vergeten;
de natuur zit vol met eten
daarom zijn wij dol op de natuur.

Zondagmorgen,'t maakt niet uit welk jaargetijde
zoeken wij naar etenswaar in bos en heide.

Grote dikke melkboleten
worden uit de hand gegeten,
jonge ortolaan uit de frituur.
Vijvers vol met vette eendjes
opgediend met verse peentjes,
oh, wat kun je veel met de natuur.

Ik kan soms haast niet wachten tot de bosbes paars is;
heerlijke compote, maar dat zult U zelf ook wel weten.
Jammer dat wat lekker is de laatste tijd zo schaars is;
'k heb al lang geen bonte specht met piccalilly meer gegeten.

Wurmen kunt U samenballen,
't zal U absoluut bevallen
zeker na een weekje in het zuur.
Wild konijn met tutti frutti
ook al ziet U soms het nut niet
alles heeft z'n plaats in de natuur.

Zondagmorgen,'t maakt niet uit welk jaargetijde
zoeken wij naar etenswaar in bos en heide.

Fluitekruid of duizendpoten,
alles vers en onbespoten;
lekker eten is een avontuur
Ach, wij kennen alle plekjes
wij zijn echte lekkerbekjes
ooooooh, wij zijn zo dol op de natuur!


Niet alleen bij onze zangvereniging wordt er genoten van al die lekkernijen in de natuur. De dichter RAMSEY NASR legt de woorden in de mond van een van de grootste liefhebbers;

Vos

vos ben ik
bijt ze de strot
zonder te koken
eet kippen op -
schele kippen kuttekippen
struikelkont vol
eieren
wees dan ook geen kip -
wees vos
wees vos!
dus
geef over koning krop
make no mistake
over & op
voor laatste maal
EET KIP
WEES VOS
&god
bles
vos


Je kunt natuurlijk ook van dieren houden zonder meteen aan opeten te denken, zoals EVA GERLACH beschrijft in haar;

Lievelingsdieren

Tussen de stenen hollen de platte, brede
pissebedden omlaag naar het donker.
Vergeten
toen het nog koud was
te kijken:
hoe overwintert een dier dat zo lijkt op herinnering,
zo afval kleurig,
met zijn hoofd naar binnen
en doodstil bij de minste aanraking.

Ik weet een kind dat van ze houdt,
het streelt hun dadelijk verstijvende stofjassen,
draagt ze tussen twee handen de kamer door.
O! zachte pootjes hebben ze,
mag ik ze niet houden
in een kistje
met onderaan glas?
Daar kijk ik de hele tijd naar,
daar zing ik dan voor.


Ja, wie fokt er nog die diertjes.
Die komen nog uit de oertijd.
Over oertijd gesproken: had er nou niet iemand voor die dinosauriërs kunnen zorgen?

Wat je moet weten van de dinosaurus WILLEM WILMINK

De dinosaurus had geen hoed en ook geen regenjas.
de dinosaurus wist niet goed wat voor een beest hij was.
De dinosaurus at geen drop en dronk geen bier of wijn.
De dinosaurus had een kop, maar die was wel wat klein.

De dinosaurus had soms jeuk, dan was hij niet zo blij:
een ander krabben vond hij leuk, zichzelf kon hij niet bij.
De dinosaurus danste vaak of neuriede een lied.
De dinosaurus had geen spraak, dus liegen kon hij niet.

De dinosaurus had een kind, dat was nog in de groei.
De dinosaurus liet een wind. Toen dacht die kleine dat het woei.
Ach, toen hij uitgestorven was
waardeerde hij de oertijd pas.


Dit lied van Willem Wilmink herinnert ons aan hoe vergankelijk alles is en dat het belangrijk is om alles wat waardevol is te bewaren.
Fokkers doen dat met kleinvee, dichters doen dat met taal.
Nou is Nederland een klein taalgebied en die taal veranderd continue door diverse invloeden van buiten af, het is überhaubt a living thing.
Nog kwetsbaarder is het dialect en dan met name het Twents dialect.
Dat dreigt ook uit te sterven.
Heel soms zie je dat een Twents woord doordringt in het Nederlands.
Wilmink heeft dat in het volgende lied vast gelegd. Het is een cowboylied dat doorspekt is met verscheidene Twentismen en het speelt zich niet af in het Wilde Westen, maar in het Troosteloze Oosten. Ja, dat denken die mensen uit het Wilde Westen, dat het hier is “troosteloos”. Laat ze dat maar mooi denken, wij weten wel beter hier in Twente.
Loat ze biej hoes blievn met de klös!

Cowboy Fred WILLEM WILMINK/FRED VAN DE VEN

Op de prairie tussen Hengelo en Oele
rijdt een cowboy op zijn ouwe, trouwe vos.
Hij wil brood nu hij zich hongerig gaat voelen
maar helaas, geen bakkerswinkel is meer los.

Op zijn merrie zit hij voor zich uit te dromen
zoals elke cowboy wel eens dromen kan:
over andere cowboys, uit de tijd gekomen
en dan moet je zelf toch altijd weer verdan.

Op de prairie tussen Losser en De Lutte
is die cowboy soms van somberheid vervuld
en al rijdend tussen vale plaggenhutten
roept hij: "Waarvoor krijg ik alles op de schuld?"

Cowboy Fred…
Hij zegt glijer, hunnie zeggen autoped…
Cowboy Fred…
Wat hij niet extra deed is volgens hunnie juist opzet…
Cowboy Fred.

Maar opeens heeft hij die stemming overwonnen,
want vanavond zal hij heerlijk dansen gaan
met zijn steun en toeverlaat: met zijn Yvonne.
Eerst trekt hij zich daar nog andersom voor aan.

Cowboy Fred…
Zijn manchesterse broek ligt voor de grond, dat vindt hij niet zo slim…
Cowboy Fred…
want die is sterker dan een van denim, aaah…
Cowboy Fred.

Dan gaat hij naar buiten heen,
kijkt een maal naar zijn voeten en zegt:
"Foei toch, mijn schoenveters zitten open!"
Dan hoekt hij daal en knupt ze dicht.


Ook in vroeger tijd deed men al zijn best om kwetsbare zaken door beschrijving vast te leggen voor later tijd.
Uit de Middeleeuwen is een verzameling handschriften bekend dat later onder de naam Carmina Burana op muziek gezet werd door Carl Orff. Wilmink heeft die teksten vertaalt naar het Twents en daarmee weer wat behouden voor de toekomst. Het dier hier aan het woord mag het dan niet overleeft hebben, zijn soortgenoten wel.
Waarbij ik me dan weer afvraag…(smek, smek, smek).

Klacht van n gebroadn zwaan WILLEM WILMINK

Vrogger ha'k 'et joa wa best,
he'k een mooi’n zwaan 'ewest,
en’k dee zwemn as de pest…
0o, mien God,
zwart as nen pot
a'j toch an dat broadspit wort.

Joa jongs, a'j int water zit,
en iej bint nog prachtig wit,
ach, dan deank iej nich ant spit.
0o, mien God,
zwart as nen pot
a'j toch an dat broadspit wort.

‘k Heb int water spöld en stooid,
in dee daag n hebt ze nooit
zolt en pepper op miej knooit.
0o, mien God,
zwart as nen pot
a'j toch an dat broadspit wort.

Met mien mooi’n lang’n nek
zwemn ik in de Buurse bek,
't was mien beste tied, joa krek.
0o, mien God,
zwart as nen pot
a'j toch an dat broadspit wort.

Joa, oew leav’n geet verdan,
meer miej doot ze in de pan
en iej smuln der wa van.
0o, mien God,
zwart as nen pot
a'j toch an dat broadspit wort.


Ja, van dingen die vergaan en hoe die te behouden.
Maar wat behoud je en waarom?
Een auto?

Mien Volvo FRED VAN DE VEN

Ik heb miej gisteroavnd nog
nen tweedehaandsen Volvo koch
met alle veer de beande nog
vol orginele Volvo-loch
en met n stuur, sekuur,
hee veurt joa as nen Japanees.
En met n lak, zoo strak,
iej zeet de oalde dökn gineens.

Veurn met n Dafje, veurn met n Dafje,
veuroet veurn, makkelik zat.
Veurn met n Dafje, veurn met n Dafje,
en achteroet dat döt e net zoo hard. (Boem!)

Oh denneboom, oh denneboom!

De beide deurn warn verkracht
Zoo heb ik gister n hiln nacht
in mienn Volvo deur-ebracht
met wochtn op de weegnwacht.
En doo’t e kwam, wham,
hee trapn der zoo den bumperd of.
Wat was ik bliej, ik was vriej,
ik kon wier veurn met mienn plof.

Veurn in n Dafje, veurn in n Dafje,
Achteroet doo’k heandig-an.
Veurn in n Dafje, veurn in n Dafje,
Biej t stopn koomp ut op de remn an.(Boem!)

Oh eikeboom, oh eikeboom!

Miene Volvo lea-r an gruzelemeantn
Komt der ok nog twee ageantn,
verkochn miej n stuk of wat preantn.
Doar gungn miene zoerverdeende ceantn.
Volvo te koop, veur sloop!
Vief daalder brachn dat kreng miej nog
en doarvan he'k, joa krek,
nen tweedehaandsn Vespa koch.

Knapn op ne snorfiets, knapn op ne snorfiets,
en zon pötjen bin iej nich verplicht.
Knapn op ne snorfiets, knapn op ne snorfiets,
volgas knap iej deur t rooie lech.(..............)

Oh automatische halve overwegboom, oh automatische halve overwegboom!


Of het cafeetje waar je voor het eerst een Grolschje dronk?

t Liepke FRED VAN DE VEN

Oo, har ik blauwe oogn as de oondergoande moan.
Oo, har ik stearke been woar k strabaant met kon goan.
Oo, har ik nen dichtn jas woar gin reagn deur kon sloan.
Joa, dan gung ik gauw noar t Liepke
biej den kachel met dat piepke.
‘Annie, doot miej n pulken bier.’
En dan zetn zee t veur miej too
en dan zea-r e: ‘Zoo dan?’

Oo, har ik broene oogn as kastanjes veur de groond.
Oo, har ik harde kaakn, schearpe taande in n moond.
Oo, har ik nen stearkn wil as ne stoontvleeg an t plafoond.
Joa, dan gung ik gauw noar t Liepke
biej den kachel met dat piepke.
‘Annie, doot miej n pulken bier.’
Dan zetn zee t veur miej too
en dan zea-r e: ‘Zoo dan?’

Noe heb ik rooie oogn as de oondergoande zunne.
Noe veur ik met miene fietse de Breemarsweg hen en wierumme.
Noe zeuk ik dat boerderiejken, k heb t nich meer wier evundn.
Vort is noe kafee t Liepke,
vort den kachel met dat piepke.
Annie is dood, gin pulken bier
zet zee ooit nog veur miej too.
Nooit zeg zee meer: ‘Zoo dan?’


Nee, niet behouden voor de toekomst.
En jezelf, hoe behoud jij jezelf?
Fokkers weten dat wel: kinderen!
En voor nu is het vooral genieten van het leven, want:

Op nen dag WILLEM WILMINK

Op nen dag dreenk iej gin Grolsch meer…
loop iej nich meer deur de stad.
Al oew wille, al oew hartzeert
he'j dan had.

Wichter, laandskopn en steedn,
alns wa'j machtig mooi hebt vundn,
tookomstplann en verleedn
goat te grundn.

n Eenn wil zich nich oavergevn
en mut liedn töt e rust,
n aander means passeert zien leavn
onbewust.

Loa'w der nog meer eenn nemn,
gun oe nog wat zit in t gat:
veur a'j t wet kö'j niks meer hebn…
dan he'j t had.


Terug naar die e-mail:
Om het culturele aspect van onze liefhebberij meer nadruk te geven, zouden wij het bijzonder op prijs stellen (ik ben benieuwd tegen welke prijs…smek, smek, smek), als u als “stadsdichter” op uw eigen wijze de opening van deze tentoonstelling zou willen verrichten.

Ik hoop dat hierbij te hebben gedaan al blijf ik het raar vinden om iets te laten openen door een dichter, een dichter hoort te dichten, niet te openen. Maar goed, ik ben heel meegaand en verklaar de tentoonstelling voor geopend - Op naar de volgende 110 jaar! - en verklaar de opening voor gedicht.

donderdag 6 november 2008

Gedichtenwedstrijd Basisscholen Oost

Dinsdag 4 november om 19.30 uur vond in de bibliotheek de finale plaats van de gedichtenwedstrijd die de Hengelose Schoolvereniging, Het Kompas, De Stiepel en de St.Janschool georganiseerd hadden.
Een deskundige jury, bestaande uit Stadsdichter Junior Emma-Sophie Ekelmans, Monique Klein van het Kunstcentrum Hengelo en Miriam Janssen van de Talentuin, koos uit zestien door de kinderen zelf voorgedragen gedichten dit mooie klankgedicht:

Tijger

Geel, bruine vacht
Groot beest
sluipt
in de jungle
gromt
gevaarlijk


De schrijver van dit gedicht, Aho Mirza van Het Kompas, ontving als prijs een prachtige collage van Monique Klein en krijgt ook nog een gezeefdrukte poster waar zijn gedicht in verwerkt is. Die posters gaan ook naar de scholen en naar de Bieb.
Ter voorbereiding van deze gedichtenwedstrijd volgden de onderbouwleerkrachten een workshop Poëzie in Beeld door Monique en de midden- en bovenbouwleerkrachten een workshop Mooie zinnen maken door Miriam.
De Stadsdichter volgde deze workshops ook en kwam tot de volgende gedichten:

Workshop 25 augustus 2008 in Het Kompas met Moniek Klein van het Kunstcentrum Hengelo


Iedereen is voorgesteld,
de bedoeling geduid,
de leden geteld,
de scholen gemixt,
de neuzen tezamen,
gedichten gefikst,
dan plannen beraamd.

’t Kompas wordt een korf
waar bijen bedrijvig
zoemen en smoezen
en roepen van; ’Héé,
waar is de Ducktape?’
en ‘Zijn er ook splitpennen?’

En de vijf dennen,
de vijf kale driepoten,
onwankelbaar als
meewerkende voorwerpen,
ontvangen de angels,
het plakband en prit,
het plastic, papier
karton en de dozen,
al wat men nu, hier,
uit heeft gekozen
om de pedagogisch
verantwoord uitgeplozen
poëzie vorm te geven.

Het duurt maar even
en in mij herkend
de Kleine Hiawatha
zijn lievelingstent
in het Indianendorp
van de verbeelding.

Schuil, kleine vriend,
in dit gedicht.


Workshop 8 september 2008 in Het Kompas met Miriam Jansen van de “De Talentuin”.

Zweep

Het bolle ponypaardje bokt
voordat het schokkend verder sjokt
over het grasomzoomde zand.

Door zweep en leidsel aangespoord
sjokt het stofopstuivend voort,
maar verlangt zo naar de kant

waar dat malse groene gras,
links en rechts op halve pas,
wacht op slaag van kies en tand.

zondag 2 november 2008

ArtLoop

1 november 2008 Ateliers ’93 Hengelo
Waar ze volgend jaar aan het werk kunnen is nu nog volstrekt onduidelijk. Maar dat ze hun huidige ateliers straks moeten verlaten, dat staat vast. En daarom nemen negen kunstenaars van stichting Ateliers’ 93 alvast afscheid van de oude hal aan ‘ t Esrein. Dat gebeurt in de vorm van een reeks exposities. De manifestatie begon met een openingsperformance. En met negen werken van negen kunstenaars. Daarna volgen er wisselexposities van steeds twee kunstenaars, tot eind november.
ArtLoop, zo heet de ode aan het gebouw waar ze sinds 1996 werken.

ArtLoop

noem het een ArtLoop
een kringloop van kunsten
een doorgaande draaiing
een kronk’ling van kunst

laat het geen strop zijn
geen slang zich kromt en
zichzelf in zijn staart bijt
maar net andersom

want de kunst moet door
een artiest moet zich uiten
vervelt als een slang
kruipt uit z’n huid
vormt een beeld naar zichzelf
keert zich binnenste buiten
geeft zich bloot en kwetsbaar
drukt ie zich uit

een schip zure app´len
de bulldozers grommen
in dit hof van Eden
waar ieder verstomt

maar de kunst moet door
een artiest moet zich uiten
vervelt als een slang
kruipt uit z’n huid
vormt een beeld naar zichzelf
keert zich binnenste buiten
geeft zich bloot en kwetsbaar
drukt ie zich uit

zie in de verte
de sloophamers rijzen
wie wijst ons de weg
naar een nieuw paradijs

Make A Difference Day

1 november
Make A Difference Day (MADD) is een jaarlijks terugkerend groot landelijk evenement en levert een belangrijke bijdrage aan het imago van vrijwilligerswerk.
Dit jaar neemt Hengelo ook als stad deel aan de actie, die plaats vond op 1 november op het Schouwburgplein bij het Rabotheater.
Topfunctionarissen uit het bedrijfsleven, politici, gemeenteraadsleden, serviceclubs maar ook anderen worden op die dag gekoppeld aan een 'klus'.

Vijfde Couplet

Hengelo, oh hoe, kan ik jou vervolmaken
Door op Make A Difference Day, het verschil te maken.
Neem ik deel aan de discussie over de Wajong
Of werk ik in Hengelo niet enkel met de tong.


Make A Difference Day
Maak het verschil


Make A Difference Day:
Veiling van vier series klussen
en dan ook nog ondertussen
een discussie in ’t café
over Wajong, ja praat maar mee.
Nee, houd je maar niet stil;
meedoen maakt hier het verschil

Ja, maak het verschil.
Waar een ander tegenop ziet
waar ie zelf niet goed mee opschiet
is voor jou een peulenschil.
Wat zij zien als bittere pil
daar heb jij geen moeite mee
op deze Make A Difference Day.

Make A Difference Day:
Velen zitten hier vandaag
met heel wat klussen in hun maag.
Pik daarvan jouw graantje mee.
Help iemand uit de puree.
Sta er niet te lang bij stil.
Kies spontaan, maak het verschil.

Het vandaag gemaakt verschil
werkt ook naar de toekomst door,
opent vele deuren, hoor.
En je talent zal, eerst nog pril,
worden herkend, het was geen gril,
en vrij en willig werk je mee
vanaf de Make A Difference Day

Maar het is een Different Day
als de managers zich verrijken
en maar bonussen opstrijken
alles zien door een roze bril
en vrijwilligers bekijken
als oplossing voor de hun opgelegde bezuinigingen
en hen het werk laten doen van ontslagen professionele vakkrachten.
Ja, dat is een schril verschil.
Daar maak je geen vriendjes mee
Op deze Make A Difference Day
Daarvan val ik stil.
Dat valt niet te rijmen.

maandag 27 oktober 2008

Nacht van de nacht

Zaterdag 25 oktober is landelijk uitgeroepen tot Nacht van de Nacht 2008. Deze nacht gaat het om het belang van de duisternis voor mens en natuur. Ook de gemeente Hengelo doet op de eigen locaties en terreinen waar mogelijk het licht uit. Diverse Hengelose bedrijven hebben hun medewerking toegezegd.

Nacht van de nacht

’s avonds in het donker
in het pikkedonker, kun je beter zien
je zou denken ‘Niet!’ misschien, maar je zult het zien

stel: je bent in ’t bos
op een bospad tussen ’t mos en de wind waait zacht
het is eind oktober om een uur of half acht

pak een zaklantaarn
je kunt alleen maar staren naar wat is verlicht
heel de rest lijkt of je kijkt met je ogen dicht

als je zo dan rondstapt
zie je bij elke voetstap: takken, gras of grint
van het landschap zie je niets, want je bent verblind

enkel waar jij je lantaarn
naar laat gaan, daar zie je iets
tot niet ver bij je vandaan, want verder zie je niets

neem een wijs besluit
doe je lampje maar eens uit en laat je ogen wennen
in het duister om je heen zul je steeds meer herkennen

ginder in de verte
zie je silhouetten van een bomenrij
je ziet zelfs nog koeien kauwen in de donkere wei

kijk je dan naar boven
je hoofd ver achterover, je valt haast omver
zie je door het loverdak af en toe een ster

leek de hemel eerst nog zwart
nu lijkt het een heel apart soort van donkerblauw
en steeds meer, steeds meer, steeds meer sterren zie je nou

kijk je weer naar beneden
zie je het platgetreden gras en dode blaren
alles wat dit bos je biedt kun je nu ontwaren

nog een wonder is geschied
je gelooft het misschien niet maar je kunt beter horen
nu je makkelijker kunt zien spits je vanzelf je oren

elke ritsel elk geluid
van dichtbij of ver vooruit weet je nu te plaatsen
je hoort zelfs de verste echo’s tussen bomen kaatsen

hoor die ijselijke kreet
of iemand helse pijnen leed hier midden in de nacht
’t is de uil die roept je toe: ìk ben hier op jacht!


Wedstrijd

In het kader van de Nacht van de Nacht 2008 schreef de gemeente een verhalenwedstrijd uit voor de jeugd van tien tot veertien jaar. Het thema: Wie schrijft het meest duistere natuurverhaal?
Uit de vele inzendingen heeft de deskundige jury, bestaande uit onder andere burgemeester Frank Kerckhaert en stadsdichter Fred van de Ven, het verhaal van Jennifer Goëken met de titel ‘Het duistere figuur in het bos’ uitgekozen als beste verhaal.
Het verhaal handelt over een eenzame boswachter en een professor die besluiten een bijzonder dier te gaan maken. Het begint met een ei. Maar dan loopt het uit de hand en lijkt het ei een eigen leven te gaan leiden….
Het oordeel van de jury: spannend, met vaart geschreven, vol fantasie en met verrassende wendingen.

In de spotlight

Jennifer mocht tijdens de Nacht van de Nacht op 25 oktober zelf twintig mensen uitnodigen in het Centrum voor Natuur- en Milieucommunicatie aan de van Alphenstraat. In een verduisterd zaaltje mocht Jennifer haar verhaal aan haar gasten voorlezen, met één spotje op zich gericht.

zaterdag 18 oktober 2008

Hamam 2

’t Oude badhuis is versjachert
aan het woonconglomeraat.
Maar Müfides plan dat lag er,
zie hoe dat in rook opgaat?

’t Lijkt of ´t Synagogepand en
een Hamam goed samenpast,
waarna Hengelo haar handen
dichtknijpt en in onschuld wast.

donderdag 9 oktober 2008

Ondernemersavond 8 -10-2008

Het Vijfde Couplet
bij de Ondernemersavond 8 oktober 2008

Hengelo, o hoe breng jij alle stemmen samen
om in je hart, je binnenstad, je plannen te beramen?
Locher, Faber, VSH, zij klinken luid genoeg
maar wie niet komt uit Hengelo, hoe klinkt die in de kroeg?


Oftewel: Wie van buiten Hengelo komt, waar komt die voor en kan die vinden wat ie zoekt? En neemt die dan tevreden nog een afzakkertje?
Hengelo heeft altijd een bijzondere plaats in genomen binnen Twente. Wat er nodig was voor de fabrieken van de steden rondom werd geleverd door Hengelo; machines, elektriciteit, schakelkasten, te veel om op te noemen, ja, zelfs zout. Er werd hard gewerkt in heel Twente, maar als men rustte dan zat men zelfs op trijp uit Hengelo. Wij zijn die regionale functie een beetje uit het oog verloren, terwijl veel ervan nog aanwezig is. Die functie versterken zou Hengelo versterken en daarmee heel Twente.
We kennen allemaal de term ‘Omfietswijn’, dat is dus een wijn waarvan het de moeite waard is om ‘om te fietsen’.
Wat heeft de binnenstad van Hengelo dat de moeite waard is om vanuit heel de regio even ‘om te fietsen’. Iets dat elders dus niet of nauwelijks aangeboden wordt.
Elzinga Kousen bijvoorbeeld.
Of grammofoonplatenzaak Popeye.
Slager Snijders met omfiets hausmacher.
Zijn buurman Gameshop Twente, een eigentijdse topzaak.
Lunchroom Kolste met zijn wisselende tentoonstellingen en broodjes met aandacht.
Dat soort kleine, speciale zaakjes maakt Hengelo groot, daar kunnen we er nog wel wat van gebruiken.
V&D is leuk, dat trek veel volk, maar is niet echt knus. HEMA wel, als vanouds, maar Trekpleister, Kruidvat, Etos, DA, Marskramer, Blokker, Zeeman, Wibra…
Moet dat echt in de binnenstad? Zijn die niet in de wijkwinkelcentra beter op hun plek?
Om nog maar te zwijgen over telefoonwinkels, makelaars en hypothekers.
Ja, zeker, de hypotheker!

Zoals in de meeste steden is ook de binnenstad van Hengelo is een soort vesting. Dat merk je als je er door wandelt. Je voelt je er beschermd, al is het niet altijd knus te noemen. Andere steden, die hun historische opbouw grotendeels behouden hebben, zoals Zwolle, Deventer of Enschede hebben die knusheid wel met die kleine kromme straatjes met daarin bijzondere winkeltjes die die knusheid benadrukken. Je kunt er heerlijk dwalen en eigenlijk niet verdwalen. Dat zijn binnensteden die je passen als een vingerhandschoen. Bij de Hengelose binnenstad heb ik vaak het gevoel dat ik als klein jongetje had als ik in mijn vaders kaplaarzen rondstapte, op zijn best past het her en der als een wollen winterwant. Toch best comfortabel.
Maar als je iets te ver doorstapt dan treed je buiten de vesting en dan heb je het gevoel of je de bescherming kwijt bent en dan wil je het liefst omkeren, de vesting weer in.
Wie maar even tussen V&D en Jac Hensen richting Marskant doorloopt, wordt overvallen door dat gevoel. En als je al niet door dat gevoel teruggedreven wordt, dan even later toch door de tocht, die gure wind die daar buiten de vesting heerst.
Dus terug de Brinkstraat in, de markt op, van waar je de drie torens aanschouwt:
- de stadhuistoren, symbool van de bestuurlijke macht
- de toren van de Lambertusbasiliek, symbool van de kerkelijke macht
- en pal voor je neus de Brinktoren, symbool van economische macht
Of gaat het in dit geval om onmacht? Symbool van leegstand zul je bedoelen. De moderne tijd bleef er stilstaan en werd dus maar verwijderd, net als het windvaantje van Pier van Dijk, verwijderd en verdwenen, op schaamteloze wijze kwijtgeraakt. Sommigen zeggen dat hij een lange neus trok naar de steden en dorpen om Hengelo, maar hij deed niets anders dan ons manen:

Hengelerweendheantjen:

De zunne in n nekn
zee ik nen reagnboogn
oaver n A1

Waagns jaagt
in verscheadne kluurn
met nen grootn boogn
um Hengel hen

Der kump miej n skoer


Ja, er staat ons nog heel wat te wachten.
Als je nu langs die Brinktoren loopt dan kun je de wind horen gieren door zijn gebinten en als je goed luistert kun de geest van dat Hengelerweendheantjen horen die daar zingt:

Hengeler Weend

Wat weait onmeunig um de klös
zo koald dat oe de neus bevrös,
wat maakt oen oogn stekebleend
dat is de oostnweend.
En ok dee weend oet t verre noordn
en oet t zuudn giert um de oorn
en alns wat oet t westn komt
is zobiezo verdomd!

De alderlekkerste weend is Hengeler weend,
Hengeler, Hengeler weend.
Woar o'j oe ok in dit Twentse laandskop beveendt,
aait roek iej Hengeler weend.

Hengeler weend weait oe aait in de rugge
of iej noe hen goat of goa'j ok terugge.
De alderlekkerste weend is Hengeler weend
Dee weend weait aait van oe of!

zaterdag 4 oktober 2008

4 Oktober Dierendag

Vandaag geef ik schouderklopjes
aan mezelf; ik ben diervrij!
Diep in mij schiet iemand propjes.
Dat doet dus het beest in mij.

Grijp ik naar het blik met hopjes
wrijft mijn wreef en deukt mijn dij,
geeft het beest een poot en kopjes,
spint en kwijlt en kwispelt blij.

donderdag 2 oktober 2008

Stadsdichter Junior 3

Donderdag 2 oktober 2008
Eva wint de publieksprijs
Het publiek mocht ook een winnaar uitkiezen. Het werd Eva Heymans met haar mooie ronde gedicht 'Weekboek Hengelo'

WEEKBOEK HENGELO

Ik fiets naar huis.
Dezelfde weg.
Van school, kunstwerk, Swafert-vijver,
Naar de Kasbah, thuis.

Maandag:
De Kasbah is mijn woonterrein.
Rode daken, gele palen.
Hier is spelen ontzettend fijn.
De eerste keer zal je hier verdwalen.

Dinsdag:
Mijn pianoles is vandaag.
En in 't Tuindorp woont mijn leraar.
Bij 't Tuindorpbad zwem ik graag.
Maar erheen fietsen is zo zwaar.

Woensdag:
Woensdag is een winkeldag.
Met mam gezellig naar de stad.
IJsje eten bij van der Poel.
En kleren kopen, een stuk of wat.

Donderdag:
Bij de bieb boeken halen.
en even zitten bij 't café.
En bij die boeiende verhalen
kan je genieten van een kopje thee.

Vrijdag:
Bij 't Heim zien we techniek.
Je kan ook zelf wat maken.
Machines kijken uit een oude fabriek.
Sommige mag je zelfs aanraken.

Zaterdag:
Een concert in de Waterstaatskerk.
Het is van de Muziekschool.
Dat muziekstuk kostte veel oefenwerk.
En Beethoven is hun idool.

Zondag:
Zondag beetje rusten thuis.
Want zo'n week is zwaar.
Lekker hangen voor de buis.
Want deze week is klaar.

Ik fiets naar school.
dezelfde weg.
De Kasbah, Swafert-vijver, kunstwerk,
Naar school, eindelijk.

Stadsdichter Junior 2

foto Christian van der Meij
Emma-Sophie dicht het allermooist
Emma-Sophie Ekelmans, eerstejaars van scholengemeenschap De Grundel, is gisteravond gekozen tot Stadsdichter Junior van Hengelo. Met een gedicht waarin ze haar licht laat schijnen op de Lambertusbasiliek, de markt, Pink Floyd en de kermis wist ze de jury, bestaande uit stadsdichter Fred van de Ven, rapper Lloyd Terborg en Herna Wielink, docent aan de Annie MG Schmidtschool, te overtuigen van haar dichtkunst.


dinsdag 30 september 2008

Stadsdichter Junior


Op 1 oktober om 18.00 uur vindt in de Bibliotheek Hengelo Beursplein in samenwerking met de Gemeente Hengelo en Boekhandel Broekhuis de verkiezing plaats van de Stadsdichter Junior van Hengelo.

Stadsdichter Junior
‘t Is eenzaam om in Hengelo
de Stadsdichter te zijn.
Dus ik zoek een passend maatje,
niet te groot en niet te klein.

’t Liefst een van de basisschool
uit groep zes of zeven, acht.
‘k Ben benieuwd: Welk kandidaatje
wint hier de talentenjacht.

Fred van de Ven
Stadsdichter 2008 -2010

zaterdag 13 september 2008

Anthoniusstraat 13 september 2008

Anthoniusstraat 30 jaar woonerf
13 september 2008

Er is een feestje aan de gang.
Men roept “Hoera, driewerf!”
Al is de straat dan niet zo lang
men viert dat hij al lang bestaat;
eerst vijfenzeventig jaar als straat,
nu dertig jaar als erf.

Die heilige uit Padua
gaf die de weg zijn naam?
Welnee, want daarin zit geen H.
Je vindt hier in dit stratenplan
namen van de gewone man.
Niet één van grote faam.

Toch leverde die heiligman
hier nu en dan een streek.
Was je iets kwijt, je sprak hem an:
“Antonius, ach lieve Sint,
maak dat ik mijn fiets weer vind.”
Je vond hem, in de beek!

En ook bescherming bood die Sint:
aan wie hier ging en voorts
aan alleenstaand vrouw met kind,
verliefden en de arme stakkers,
het huwelijk en de warme bakkers
en tegen pest en koorts.

De arme stakkers zijn verhuisd,
de warme bakkers koud,
de koorts gezakt, de pest gekuist.
De reizigers zijn voort gegaan,
soms kwam iemand alleen te staan,
verliefden zijn getrouwd.

Als allereerste van het land
werd deze straat een erf.
Maar… wat er volgt is interessant:
Men vond bescherming bij elkaar!
En dàt viert men ieder jaar
met een “Hoera, driewerf!”

Ja, driewerf: Hoera, hoera, hoera!
Voor de Anthoniusstraat.

appendix:

‘k Hoop da’k dit feestje niet bederf
als ik hierbij verklaar:
Met deze straat, met dit woonerf
heeft Sint Antonius niets van doen.
Maar ik kijk toch voor goed fatsoen;
staat mijn fiets nog daar?

donderdag 11 september 2008

Hengelo herrezen 11 september 2008

Bij de opening van de tentoonstelling in het Historisch Museum Hengelo
11 september 2008

Hengelo herrezen 1958 – 2008

Er was zoveel te zien.
De binnenstad was mooi versierd
en alle kroegen waren los
men schonk er lang, dat werd gevierd,
maar ik was nog te klein.
Mij duizelde het door de pracht
en praal op ’t nieuwe plein.

Soms was er stroom, soms niet.
De opgewekte orgeldeun
vertraagde tot een droevig lied
waarna de stem weer aanjoeg,
zich joelend weer verhief.
Eén had plezier in dit van piere-
tot mankementgeluid:
Vrouw Kolste deed op zolder
steeds de stekker in en uit.
En elders in de stad,
waar de zekeringen braken,
deden elektriciens
en Hazemeyer goeie zaken.

Wat mij nog wel het allermeest
kon boeien van het festijn
dat was “The Great Berny”-show
op het KWFterrein.

Daar stond een hele hoge paal
met staalkabels geschoord
vanaf de top liep één heel ver
tot bijna bij het spoor.

Een motor stond, op blote velgen,
dat was een vreemd gezicht,
op die draad. Daaronder zat
- als contragewicht -
een schaars geklede dame
op een soort trapeze.
Zij leek van lichte zeden
en niks dan zwaaien deed ze.
Luid knetterend is het hele ding
naar boven toe gereden
en minder knetterend gleed het
daarna weer naar beneden.
Hoe vaak hij ook naar boven reed,
nooit kwam hij tot de paal.
Dat stelde mij teleur, ik wist:
het is vooral kabaal.

Ja, Hengelo herrees
en na vijftig jaren blijkt;
het heeft, net als die motor toen,
de top nog niet bereikt.

woensdag 27 augustus 2008

Inburgeringsagenda Hengelo 27 augustus 2008

Op woensdagmiddag 27 augustus 2008 vindt om 14:30 uur in de Burgerzaal van het Stadhuis te Hengelo de presentatie plaats van de ‘Inburgeringsagenda Hengelo’




















Vijfde Couplet

Hengelo, o hoe ontvang jij nieuwe Nederlanders?
Jij weet; het recht op inburgering kent o zoveel meanders.
Wie wankele eerste schreden zet op ’t Hengelo’s plavuis
die vindt bij jou, oh Hengelo, een Steunpunt in ’t Stadhuis.

Taal

Toen ik een klein jongetje was kreeg ik de taal als het ware met de paplepel ingegoten. Nederlands, mijn moedertaal, leerde ik thuis en later op school en het Twents dat ik spreek leerde ik op straat.
Ik weet nog, ik zal een jaar of vijf geweest zijn, dat een grote jongen mij eens staande hield voorin onze straat. Hij keek streng en vroeg; “Woar bi’j van en woar won iej?” (Tot welke familie behoor jij en waar woon jij?) Dan antwoordde ik; “Freddie van de Ven, Kortenaerstraat 55, Hengelo, O, en jij zit op de pispo!” en dan rende ik hard naar huis.
Hij had daar wel schik in, want hij kwam mij niet na.
Ik had vooral schrik in de benen.
Communiceren is belangrijk, net als hardlopen.
Ik had een keer een dubbeltje, een muntje van tien cent, om een ijsje van te kopen. De ijscoman hielp een man voor mij aan twee ijsjes van een dubbeltje. Toen ik aan de beurt was zei ik; “Dat wil ik ook, twéé ijsjes van een dubbeltje”, en legde mijn dubbeltje op de ijscokar, waar ik net bij kon.
‘Nee, dat kan niet,” zei de ijscoman, “voor één dubbeltje krijg je maar één ijsje.”
“Maar die meneer kreeg dat wel.”
“Die meneer had twee dubbeltjes.”
Tsja, dat had ik niet gezien want ik was nog te klein, maar ik vond het zeer onterecht en diep teleurgesteld liep ik met mijn ene ijsje naar huis.
Communiceren moet je leren, net als rekenen en teleurstellingen verwerken.
Later leerde ik dat je met taal beelden kunt oproepen, hele werelden kunt bouwen net zoals we dat vroeger deden met de blokkendoos.

Blokkendoos

Taal is de blokkendoos
waar ik mijn huis van bouw.
Ik richt het in met mijn muziek.
Als je een keertje
wilt komen logeren,
luister dan naar dit lied.

Wees voorzichtig als je binnenkomt,
gooi niet met de deuren,
pak een stoel en sluit aan in de kring.
’t Is hier knus en gezellig
dus laat je verwarmen
door de zon door het raam dat ik zing.

Ik heb blokken genoeg,
mooi gekleurde, mooi gevlekte.
Als ik de tijd er maar voor had,
dan was de aarde een appel
zonder rotte plekken
met aan ‘t steeltje een onbespoten blad.

Wees voorzichtig als je binnenkomt,
gooi niet met de deuren,
pak een stoel en sluit aan in de kring.
Maar schuif niet met het kleed,
waar dit huis op gebouwd is,
want dan stort heel mijn wereld in.

zondag 24 augustus 2008

Hengelo (O) Hoort! op de Markt zondag 24 augustus 2008

Hengelo (O) Hoort! op de Markt zondag 24 augustus 2008
2de lustrum Hengelo (O) Hoort! door het Lambooijhuis




















Het vijfde couplet
Ik heb al heel wat Vijfde Coupletten geschreven en dat is een goede gewoonte geworden, maar goede gewoontes worden beter als je ze soms doorbreekt.

Festival op de Markt


Hengelooo hoort op de markt
vaker snoepgoed uit te delen.
Snoep voor oog en snoep voor oor
en snoep dus voor de geest.
Zo wordt de geest weer aangeharkt
door oog en oor te strelen
en elke tand trekt een diep spoor:
daar kiemt het zaad het meest.

Dan groeit wat eenmaal is gezaaid
gevoed met snoepgoed door
tot hoogst denkbare top.
En wordt de rijpe oogst gemaaid
dan gaat Hengelo, (O) hoort,
daar weer de markt mee op.

zaterdag 23 augustus 2008

Uit Festival zaterdag 23 augustus 2008 Markt Hengelo

Uit Festival zaterdag 23 augustus 2008 Markt Hengelo

Uit is in

Ze hebben van alles te doen, die Hengeloërs:
Ontbijten bij IKEA
Etalages kijken in Delden
Met oma nog een keertje naar de watermolen van Oele
Coniferen kopen bij Boomkamp
Gezellig winkelen in Oldenzaal
Op een terrasje zitten in Enschede
Of naar de Twentse Welle

Als je daarna thuis komt, ben je natuurlijk moe.
Wie gaat er dan nog uit?

Uit is aan

Het is wel helemaal Hengelo
om tijdens het Festival op de Markt
het Uit Festival
te laten openen door een dichter.
Een dichter hoort te dichten,
niet te openen.

Maar goed, ik ben heel meegaand.
Liep ik gisteren nog tegen een muur op,
vandaag zijn alle kramen los, open!
U kunt langs al die kramen gaan,
ja, begin maar vast te lopen.
Want ik verklaar hier tot besluit
dit helemaal Hengelose Uit
is: Aan!
Het Culturele seizoen is open!


Attentie graag voor het volgende:
Bij de stand van de bibliotheek kunt u meedoen aan het LiterAvontuur:
Een poëtisch privé-avontuur waarbij u in een klein caravannetje bijna op de lip kunt zitten van locale poëten;
-u treft er op dit moment kunstenares en genomineerde stadsdichteres Hettie Franken
-van één tot twee uur zit ik daar
-van twee tot drie uur de Enschedese stadsdichter Bob Boswinkel
-en van drie tot vier uur genomineerd stadsdichter en schrijver/dichter in de Berflo Tribune Hans van Olphen

Grijp uw kans of neem vast plaats op het wachtterras.

Tot slot nog een oproep aan de jeugdige poëten:
Zit je in groep 6, 7 of 8 van de basisschool, ding dan mee naar het juniorstadsdichterschap.
Bij de stand van Boekhandel Broekhuis krijg je meer informatie en kun jij je inschrijven.


Open uw dichtaderen,
laat een verbeeldingsstroom
door heel Hengelo lopen,
zoals de beken deden
en dat nu weer doen.
Help alstublieft Hengelo
aan een nieuw blazoen!

woensdag 25 juni 2008

Actie zakkenrollers


Op woensdag 25 juni gaat in de binnenstad van Hengelo een zakkenrolleractie van start. Burgemeester Kerckhaert geeft om 12.00 uur het startsein op de Markt. Het doel van de actie is om het winkelend en uitgaand publiek ervan bewust te maken dat men het zakkenrollers moeilijker kan maken hun slag te slaan. Uit politiecijfers blijkt dat het winkelend en uitgaand publiek in Hengelo steeds vaker te maken heeft met zakkenrollers. Het aantal aangiftes stijgt. In 2007 zijn er 117 meldingen van zakkenrollerij bij de politie gemeld. In de eerste maanden van dit jaar zijn er al 35 meldingen van zakkenrollerij gedaan en de ervaring leert dat zakkenrollers juist in de zomermaanden het meest actief zijn. Tweederde van de gevallen van zakkenrollerij vindt plaats in winkels, warenhuizen en in horecagelegenheden. Juist door op deze plekken aandacht te vragen voor zakkenrollerij wordt de actie tegen zakkenrollers intensiever en heeft de actie meer effect.

Actie ludiek én serieus
De actie tegen zakkenrollers loopt in de maanden juni, juli en augustus. Het publiek in de binnenstad wordt gedurende de zomermaanden er op opmerkzaam gemaakt hoe men het een zakkenroller een stuk moeilijker kan maken om zijn slag te slaan. Dit gebeurt deels met serieuze waarschuwingen, en deels met ludieke acties. Er worden onder andere nep-zakkenrollers ingezet, en medewerkers Stadstoezicht zullen het winkelend publiek aanspreken op onveilig gedrag en preventietips uitdelen. Ook hangen in veel winkels en horecagelegenheden waarschuwingsposters, en zijn ondernemers gevraagd extra op te letten.
(Uit: www.hengelo.nl, 24 juni 2008)

Het Vijfde Couplet

Hengelo, o hoe toon jij je waardevoller.
Jij wijst je brave burgers op ’t gevaar der zakkenrollers,
Maar of de middenstanders wel zo blij zijn met jou tip:
“houd, als je loopt door Hengelo, je hand steeds op de knip!”?


Dan nu een tip van de stadsdichter aan de zakkenrollers:

Zoek je heil maar ergens anders,
sterker nog, zoek eerlijk werk.
Dat bespaart je reprimandes
en een rondje om de kerk
in een pak van pek en veren!

Ha, we zullen het je leren:
Hier voortaan geen mededogen.
Hier telt ieder mens voor twee
ruim driehonderdduizend ogen
zien hier elke portemonnee.


-fr@sn-

dinsdag 17 juni 2008

Jongeren hebben recht op speelplek

Het actiecomité Red de Slangenbeek heeft inmiddels een span­doek opgehangen bij de bedreigde plek, waar een geasfalteerd sportveld (van 700 vierkante meter, met vier meter hoge hekken en verlichting) moet komen. Foto: Christian van der Meij

HENGELO - Ondanks de protesten uit de buurt geeft ze geen duimbreed toe. Wethouder J. Oude Alink is niet van plan om het besluit om een geasfalteerd sportveld aan te leggen op de hoek Toulonstraat-Ardennenstraat terug te draaien. Ze heeft begrip voor de reacties van de buurtbewoners. Maar, voegt ze daar meteen aan toe: "Jongeren hebben óók recht op een plekje." Oude Alink wijst erop dat het besluit al in maart van dit jaar is genomen. Daar is volgens haar een lang traject aan vooraf gegaan. "We zijn zeker niet over één nacht ijs ge­gaan. We hebben uitgebreid gezocht naar de meest geschikte plek." Uiteindelijk viel de keuze dus op de groene strook op de hoek Toulonstraat / Ardennenstraat, naast de Europaschool. Volgens Oude Alink is die plek goed bereikbaar. Bovendien is de af­stand tot de dichtstbijzijnde woningen zodanig, dat er geen sprake zal zijn van over­last, aldus de wethouder. "Dit is de enige plek waar we deze speelvoorziening kunnen realiseren."
Het actiecomité Red De Slangenbeek verzet zich tegen het plan, omdat de beoogde lo­catie (langs de Slangenbeek- red.) zich in een ecologische bufferzone bevindt. Maar volgens Oude Alink gaat het niet om een beschermd natuurgebied. "In groen mag je ook spelen." De wethouder zegt op te komen voor de belangen van de oudere jeugd in Slangenbeek. Ook twaalfplussers hebben recht op een goede speelplek. Ook vanuit de politie is daar op aangedrongen. "Want anders gaan ze vervelende dingen doen."
(Uit: TC Tubantia,17-6-2008)


Speelplek Slangenbeek

Wie moeders boezem is ontgroeid
gaat zich thuis al gauw vervelen,
wil maar wat graag buiten spelen,
waar met vriendjes wordt gestoeid.

Moeder knijpt een oogje toe
als haar kroost loopt te ravotten.
Buurvrouw vraagt hen op te rotten;
zij heeft last van dat gedoe.

Hinder, last of overlast,
’t is maar net wie er komt plagen,
eigen kroost is te verdragen,
alle anderen: Opgekrast!

Want die pubers zijn zo druk,
spugen, schreeuwen, racen, rennen,
slaan en schoppen, pesten, jennen,
slopen, breken, maken stuk,
en die taal: “Je moeder! Fuck!
Mietjes! Homo’s! Vuile flikkers!”
Paddentrek der buurtgifkikkers
die op zoek zijn naar geluk.

Gun die hedendaagse kweek
een eigen plek, heel pedagogisch
een bufferzone, ecologisch,
de boezem van de Slangenbeek.

donderdag 12 juni 2008

Hengel'eau Waterweek

Hengel’eau Waterweek 9 – 12 juni 2008

Het Vijfde Couplet.
Hengel’eau, o hoe zijn jouw waterplannen?
Heb jij dat voor de toekomst al in kruiken en in kannen?
Buster jij je beste bootje in de Berflobeek
Of plan jij net als Mozes, Hengel’eau - Water - Week!



Beekbusters

Vanaf 1.45 leest stadsdichter Fred van de Ven voor terwijl de De Beekbusters voortpeddelen.


zaterdag 7 juni 2008

Oktet

In het Hengelose centrum treden 3700 zangers en zangeressen op, in het kader van de grote zangmanifestatie Vocaal Amusing Hengelo.
De deelnemers komen uit Nederland, België, Duitsland, Bulgarije en Slovenië. Grensoverschrijdende vocale verbroedering, aldus woordvoerder Rob Peters van de organisatie. Het is de derde editie van het zangfestival met zangers uit alle muziekgenres en stijlen.

woensdag 21 mei 2008

Terugblik 10 jaar wijkgericht werken

Karikatuur: Thijs Wessels
Woensdag 21 mei 2008, vanaf 19.30 uur in het stadhuis.


Hengelo, o hoe werk jij wijkgerichter
dan voor een tiental jaar terug, ik hoop dat Wimjoost Licht er
helderheid in brengt en dat het geweten spreekt
en dat de stem van Hengelo daarbij niet verbleekt.


Fred van de Ven
Stadsdichter 2008 - 2010




zaterdag 17 mei 2008

Stadsdichter van Hengelo

Fred van de Ven is de eerste stadsdichter van Hengelo geworden. Vrijdagavond maakte wethouder Ter Ellen dat bekend tijdens een bijeenkomst in de bibliotheek. Van de Ven was met nog twee dichters in de race om stadsdichter te worden. In totaal zonden twaalf Hengeloërs gedichten in. Van de Ven is voor een periode van twee jaar aangesteld. Hij schrijft het liefst gedichten die zowel in het Nederlands als in het Twents gezongen kunnen worden. De overleden Enschedese dichter Willem Wilmink was voor Van de Ven altijd een groot voorbeeld.
Bron: RTVOost 16-5-2008 22:30:42

vrijdag 16 mei 2008

Hengelo, o Hengelo : de volgende coupletten

Na de bekendmaking las Fred de volgende coupletten voor die hij had gemaakt naar aanleiding van verschillende Hengelose gebeurtenissen in de afgelopen weken.

Militair overlijdt
Op 18 april wordt bekend dat de in Hengelo woonachtige soldaat eerste klasse Mark Schouwink vrijdagochtend bij een aanslag in Afghanistan om het leven is gekomen.

Hengelo, o hoe

Hengelo, o hoe…

Hengelo, o hoe zal ik jou bezingen?
Hengelo, jij kleine stad, bent groot in zoveel dingen!
Niet zo klein als Delden, niet zo groot als Enschede.
Hengelo, o Hengelo, o jij hebt zoveel mee.

Hengelo, o Hengelo hoe zal ik jou loven?
Al mis ik ook je wapen met zijn bijen, beek en schoven,
in de vaart der volk’ren stuw jij Twente naar de top.
Hengelo, jij Hengelo, verdient een schouderklop.


Hengelo, o hoe zal ik jou eens roemen?
Door je wat jij bent; Knooppunt Hengelo te noemen!
In dienst van heel de regio zet jij steeds weer de toon.
Hengelo, zo Hengelo en toch nog zo gewoon.

Hengelo, o hoe zal ik jou lof toe zwaaien?
Jij laat je jasje niet met elke wind meewaaien.
Nee, jij creëert je eigen wind en dat vind ik zo tof!
Hengelo, oewn Henglerweend weait altied van oe of!



Het vijfde couplet
Bovenstaand loflied kenschetst de gemeente Hengelo in vier coupletten. Vrolijk en beheerst maar nogal oppervlakkig. Voor meer verdieping valt te denken aan een vijfde couplet dat meer aansluit bij actuele zaken.
Dat vijfde couplet zou geschreven en gepubliceerd kunnen worden als er zich zo’n actuele zaak voordoet.
In de week dat ik dit schrijf is het badhuis in het nieuws en zou het Vijfde Couplet kunnen zijn;

Hengelo, o Hengelo, hoe val jij te prijzen?
Je kunt jezelf en ons erbij een goede dienst bewijzen:
Laat ons oude badhuis niet verworden tot kantoor.
Met een hamam, o Hengelo, heb jij een streepje voor.


Fred van de Ven
Eerste stadsdichter van Hengelo
2008 - 2010

Fred van de Ven eerste Hengelose stadsdichter

Wat de jury betreft mag hij ‘de Hengeler Weend uit iedere hoek laten waaien’. Aan Hengeloër Fred van de Ven de uitdaging; hij werd vrijdagavond in een bomvolle bibliotheek uitverkoren tot stadsdichter voor de komende twee jaar. Het was een narrow escape, zei wethouder Gerard ter Ellen. De drie kandidaten, naast Van de Ven, Hans van Olphen en Hettie Franken, ontliepen elkaar nauwelijks.